Gedesorganiseerde hechting, overdracht en tegenoverdracht in de therapeutische relatie bij vroeg getraumatiseerde cliënten

Gedesorganiseerde hechting, overdracht en tegenoverdracht in de therapeutische relatie bij vroeg getraumatiseerde cliënten

Introductie
De klassieke definitie van psychotherapie houdt in het vestigen en hanteren van de therapeutische relatie met als doel het opheffen van symptomen en psychische problemen. Uit onderzoek blijkt dat een goede werkrelatie voor een groot percentage (30%), het slagen van de behandeling uitmaakt. Voor mensen die als kind getraumatiseerd zijn door ouders of opvoeders, wordt dat bemoeilijkt door het feit dat hun vertrouwen is geschaad, hun gehechtheid aan anderen is beschadigd en het gevoel van eigenwaarde en competentie laag is. Dat betekent dat het hanteren van de werkrelatie in alle fasen van de behandeling prioriteit verdient. U leert hoe vanuit verschillende methodes voor zelfonderzoek te reflecteren op eigen cognities, emoties en actietendenties in problematische interacties met vroeg getraumatiseerde cliënten. Dat zelfonderzoek kan de therapeut helpen om haar/zijn werk professioneel en met plezier te blijven doen. Het kan ook de cliënt helpen om meer zicht te krijgen op de vaak onbewuste effecten van haar/zijn gedrag op anderen. Zo leert u disfunctionele interactiepatronen van de vroegkinderlijk getraumatiseerde cliënt eerder te herkennen en te doorbreken. Daarbij wordt gebruik gemaakt van onderdelen uit het Zoekschema Moeilijk Lopende Behandelingen en vier instrumenten voor het reflecteren op de therapeutische alliantie.

U leert ook om in de fase van stabilisatie gaat verschillende disfunctionele patronen praktisch te hanteren, zoals overspoeld raken en blijven, onderwerping, afhankelijkheid en vijandigheid en verschillende patronen van overdracht en tegenoverdracht. Aandacht wordt besteed aan empathische breuken hoe deze te herkennen en te herstellen. Accent in deze fase ligt op het bevorderen van vermogens tot mentaliseren, metacognitie en zelfcontrole. In de fase van traumaverwerking kan juist het bespreken van of de blootstelling aan traumatische herinneringen, veel herhalingspatronen activeren. De kans op enactments, herhalingsscenario's is groot als de therapeut er niet op bedacht is, welke techniek of interventie ook gebruikt wordt. Aandacht wordt besteed aan het herkennen van deze scenario's aan de hand van door de deelnemers ingebracht casusmateriaal. Vervolgens wordt aandacht besteed aan het moeilijke punt van rouwen om een pijnlijke jeugd en afscheid nemen als overgang naar de re-integratiefase.

Onderwerpen
Dag 1:
• De psychodynamische insteek voor de therapeutische relatie, het aangaan van en reflecteren op de therapeutische samenwerking;
• Eigen angst, vermijdingsgedrag en projecties, reflectie op eigen gevoelens en gedragingen.
• Werken met het Zoekschema Moeilijk Lopende Behandelingen.
• Vier instrumenten voor het reflecteren op de therapeutische alliantie:
• Beoordelingslijst Therapiegesprek (Session Evaluation Questionnaire: SEQ)
• Beoordelingsschaal Beïnvloedingsboodschappen-Circumplex
• (Impact message Inventory Circumplex: IMI-C)
• Checklist Behandeldoelen (Bern Inventory of Treatment Goals)
• De Inventory of Interpersonal Problems-Circumplex (IIP-C)
Dag 2 en 3:
• De therapeutische relatie in de stabilisatiefase.
• Het bevorderen en in stand houden van een goede werkalliantie.
• Gehechtheid en fobie voor gehechtheid, de gedesorganiseerde hechtingstijl.
• Afhankelijkheid en agressie.
• De valkuilen (te snel gaan, de relatie niet bespreken, empathische breuken niet herkennen en niet herstellen).
• Relatiehantering in de fase van traumaverwerking.
• Overdracht en tegenoverdracht in de fase van traumaverwerking.
• Agressie en woede.
• Afscheid nemen.
• Rouwen.

Leerdoelen
Dag 1:
• Kennis van de deelnemer over het aangaan van de therapeutische alliantie is bekend, getoetst en voldoende bevonden.
• De deelnemer heeft in voldoende mate casuïstiek over ingebracht.
• Bekend zijn met eigen angst, vermijdingsgedrag en projecties, reflectie op eigen gevoelens en gedragingen.
• Het in de klinische praktijk kunnen werken met het Zoekschema Moeilijk Lopenede Behandelingen.
• Het in de klinische praktijk werken met:
• Beoordelingslijst Therapiegesprek (Session Evaluation Questionnaire: SEQ)
• Beoordelingsschaal Beïnvloedingsboodschappen-Circumplex
• (Impact message Inventory Circumplex: IMI-C)
• Checklist Behandeldoelen (Bern Inventory of Treatment Goals)
• De Inventory of Interpersonal Problems-Circumplex (IIP-C)

Dag 2 en 3:
• De deelnemer kan re-enactments in de therapeutische relatie in de stabilisatiefase herkennen en hanteren.
• De deelnemers kan een goede werkalliantie bevorderen en in stand houden.
• De deelnemer heeft kennis van gehechtheid en fobie voor gehechtheid, de gedesorganiseerde hechtingstijl, afhankelijkheid en agressie en weet hoe deze te hanteren.
• De deelnemer kent de valkuilen (te snel gaan, de relatie niet bespreken, empathische breuken niet herkennen en niet herstellen) en kan deze hanteren.
• Herkennen en kunnen hanteren van de meest voorkomende herhalingsscenario's in deze fase.
• Hanteren van projectieve identificatie, terugval, agressie en onvermogen te rouwen.
• De deelnemer kan overdracht en tegenoverdracht in de eigen praktijk herkennen en hanteren.
• Kennis over de overdracht en tegenoverdracht en gehechtheidstijlen is bekend, getoetst en voldoende bevonden.
• De deelnemer kent valkuilen van vermijding, afhankelijkheid en schaamte.
• De deelnemer heeft inzicht en specialistische vaardigheden in het hanteren van de werkrelatie.
• De deelnemer kan een adequate werkalliantie opzetten en onderhouden en waar nodig herstellen.
• De deelnemer heeft in voldoende mate casuïstiek over ingebracht.


Literatuur voor cursisten Aanbevolen:
Hafkenscheid, A. (2014). De therapeutische relatie. Utrecht: De Tijdstroom.

Aan te schaffen:
Hafkenscheid, A. (najaar 2018). Beter worden in je vak. Systematische zelfreflectie voor professionals in de GGZ. Boom Uitgevers Amsterdam.

Literatuur:

• Allen, J.2002).Traumatic Relationships and serious mental disorders, New York, Wiley, 7 H.1, 2, 3. p.3-78.
• Steele, K. (2011). When the patient is abusive, ISSTDnews, 29, 1-4.
• Steele, K., van der Hart, O. & Nijenhuis, E.(2001). Dependency in the treatment of Complex PTSS and dissociative disorders. Journal of Trauma and Dissociation 2, 4,79116.
• Nicolai, N.J. (2008). Overdracht en tegenoverdracht bij vroegkinderlijk trauma. Tijdschrift voor Psychotherapie, 34,431-450.

Docenten Dr. Anton Hafkenscheid is als klinisch psycholoog/psychotherapeut verbonden aan Arkin/Sinaï Centrum, Joodse geestelijke gezondheidszorg. Hij werkt al meer dan drie decennia met ernstige en/of vroegkinderlijk getraumatiseerde patiënten. Anton Hafkenscheid is verbonden als docent aan diverse postdoctorale opleidingen (Nijmegen, Utrecht, Leuven, Mechelen, Amsterdam), is erkend supervisor en leertherapeut van verschillende specialistische psychotherapeutische verenigingen en is al vele jaren redacteur van het Tijdschrift voor Psychotherapie. Hij schreef de monografie ‘De therapeutische relatie’. In 2013 won hij de eerste Wim Trijsburgprijs van de Nederlandse Psychotherapie (NVP).
Dr. Nelleke Nicolai werkte tot 2012 als psychiater-psychotherapeut met vroeg getraumatiseerde patiënten. Sindsdien is zij in eigen praktijk supervisor, opleider en leertherapeut. Zij publiceerde naast vele artikelen over trauma, gender en gehechtheid: het "Handboek psychotherapie na seksueel misbruik (2006), samen met anderen "" Empathie: het geheime wapen van psychiater en psychotherapeuten (2015) en Emotieregulatie: de kunst van het evenwicht"(2016).
Werkwijze dag 1
Elk theoretisch onderdeel wordt door de docent plenair geïntroduceerd, waarna de cursisten de actief met elkaar in gesprek gaan over de betekenis en de toepasbaarheid van het betreffende concept of theoretisch inzicht. De deelnemers oefenen vervolgens de diagnostische en therapeutische vaardigheden en de geïntroduceerde concepten in drietallen, aan de hand van eigen casuïstiek. Plenair wordt nabesproken, waarna situaties waarin cursisten in de subgroepjes blijken te zijn vastgelopen door de docent worden gedemonstreerd met mogelijke oplossingsstrategieën in plenaire rollenspelen. Werkwijze dag 2 en 3
Plenaire inleiding docent. Presentatie casuïstiek, rollenspel, in subgroepen en plenair.

Toets Het door de deelnemers invullen van een quiz met toegespitste multiple choice vragen. Invulling vindt plaats per onderdeel in de loop van de dag. Schriftelijk naar aanleiding van een door de cursist ingebrachte casus met een beredeneerd verslag van interventies: wat heb ik gedaan en waarom bij deze casus in de werkrelatie? Aan het einde van de cursus. De deelnemer heeft in voldoende mate casuïstiek ingebracht.

Informatie
CELEVT, Martijne Rensen
Mail m.rensen@celevt.nl
Telefoon 020 364 26 39

DATUM
10 januari 2019 9.30 – 17.00
11 januari 2019 9.30 – 17.00
15 februari 2019 9.30 – 17.00

Doelgroep
Psychiaters, klinisch psychologen, psychotherapeuten, gz-psychologen en zij die in opleiding zijn voor deze registraties. Basis-psychologen, HBO|Academisch opgeleide ggz-verpleegkundigen/ specialisten, vaktherapeuten, systeemtherapeuten, ggz-agogen, haptotherapeuten en andere HBO of academisch opgeleide professionals en complementaire behandelaren [de laatste groepen na toelating, neem hiervoor contact op met m.rensen@celevt.nl]

Kosten per deelnemer en inschrijven
De kosten bedragen 600,00 euro inclusief btw per persoon voor de driedaagse cursus. Indien de gehele Postacademische of PostMaster|HBO Nascholing over meerdere jaren gevolgd wordt, bedragen de kosten 4000 euro inclusief BTW. Indien de gehele nascholing in 1 jaar in 2019 gevolgd wordt bedragen de kosten 3800 euro. Voor de PostMaster|HBO geldt 200 euro [extra] korting in verband met uitvallen van 1 cursusdag= 3600 euro inclusief btw. Voorwaarde is inschrijving en betaling vooraf voor het gehele cursusjaar 2019. Inclusief accreditatie digitale literatuur, lunch en kleine borrel, ex boek(en)

U Kunt zich Hier Inschrijven Inschrijven LINK Zonder Zorg

Accreditatie
FGzP, VEN, VCGT, NIP. Voorts afhankelijk van de samenstelling van de groep deelnemers. Mocht de door u gewenste accreditatie er niet bijstaan neem dan contact op met m.rensen@celevt.nl.

Certificaat
De cursist wordt verwacht 90% van de cursus aanwezig te zijn om voor een certificaat in aanmerking te komen.

Intervisie
Bij voldoende belangstelling kunt u na het afronden van de cursus deelnemen aan een intervisiegroep.

Annuleren
Annuleren kan alleen schriftelijk tot 3 weken voor de start van de cursus. Hieraan zijn 25 euro administratiekosten verbonden. Het betaalde cursusgeld wordt teruggeboekt.

Uitstel of afstel
Als een opleidingsactiviteit onverwacht niet doorgaat dan wordt u in principe 3 weken voor de start op de hoogte gesteld. Als een cursus onverwacht niet doorgaat dan kan de Trauma Academie niet aansprakelijk worden gesteld voor gederfde inkomsten.

Reservelijst
Wanneer u op een reservelijst staat, wordt u bij vrijkomen van een plaats benaderd of u daar gebruik van wilt maken. Als u niet benaderd bent voor een plaats stellen wij u op de hoogte wanneer de opleidingsactiviteit weer gepland staat.

INSCHRIJVEN
U kunt zich hier inschrijven

INFORMATIE
CELEVT Trauma Academie, Martijne Rensen
Mail m.rensen@celevt.nl
Telefoon 020 364 26 39